Het bedrag (60 miljoen euro) is uitzonderlijk, maar het gebaar zelf niet. De miljoenenschenking die het Rijksmuseum ontvangt past in een trend. En die is essentieel voor Nederlandse musea om voort te bestaan, zegt directeur Taco Dibbits van het Rijksmuseum. Want de Nederlandse musea staan al geruime tijd onder druk. De kosten lopen op door bijvoorbeeld inflatie terwijl tegelijkertijd de subsidies steeds meer slinken. "Om overeind te blijven zijn musea de afgelopen jaren heel actief geworden in fondsenwerving, want het is van levensbelang dat er schenkers zijn die ons een warm hart toedragen", aldus Dibbits. Volgens de Museumvereniging zijn subsidies en kaartverkoop voldoende voor de basis, maar is extra geld van particulieren nodig voor innovaties en nieuwe ontwikkelingen in musea. Directeur Vera Carasso ziet dat het aantal particuliere schenkingen toeneemt. "Mensen schenken terwijl ze nog leven, maar ook steeds vaker in nalatenschap, omdat de vergrijzing toeneemt." Toch zijn schenkingen van alle tijden, zegt Rijksmuseum-directeur Dibbits. "In Nederland zijn, door de hele geschiedenis heen, veel schenkingen gedaan aan musea zodat zij hun collectie konden uitbreiden. Zonder schenkers zou het Rijksmuseum er niet zo uitzien zoals het er vandaag uitziet." De grootste giften aan Nederlandse musea Kleinere musea Voor kleinere musea zoals het Stedelijk Museum in Schiedam (78.000 bezoekers per jaar), is zo'n enorm bedrag natuurlijk iets om van te dromen. Directeur Anne de Haij kan enige jaloezie niet onderdrukken, maar is er tegelijkertijd ook blij mee. "Ik word gelukkig van elke gift aan kunst en cultuur. Wij kunnen het natuurlijk ook goed gebruiken, maar ik hoop vooral dat dit andere mensen kan inspireren ook te schenken aan kleinere instellingen." Musea als het Rijksmuseum hebben speciale mensen in dienst die relaties onderhouden met donateurs. Voor kleinere musea is dat lastig omdat daar geen geld voor is. De Haij: "Het is wel een beetje het The Winner Takes It All -principe. Het Rijksmuseum is een fantastisch museum dat het heel erg goed doet. Het heeft een mooie collectie die veel publiek en sponsoren trekt. Met dat geld kunnen ze dan weer meer medewerkers aannemen voor fondsenwerving en donaties. Dat voordeel hebben kleinere musea minder." Het museum in Schiedam heeft verschillende donateurs die het museum jaarlijks steunen. Eenmalige giften zoals het Rijksmuseum krijgt, komen minder vaak voor. Wel krijgt het museum vaak kunstwerken aangeboden. In 2021 schonk de Stichting Beheer SNS Reaal zelfs de hele bedrijfscollectie van bijna 600 kunstwerken van Nederlandse kunstenaars. "Daarnaast kregen we een bedrag om die collectie te onderhouden, dat ging om een paar ton", aldus De Haij. Onafhankelijkheid Kan de onafhankelijkheid van musea door schenkingen, zeker die van vele miljoenen, in gevaar komen? Rijksmuseum-directeur Dibbits vindt van niet. "Voor ons is het uitgangspunt dat de schenker niet bepaalt. Natuurlijk praat je samen over de invulling, maar wij bepalen uiteindelijk hoe het geld besteed wordt. Het is van essentieel belang dat musea onafhankelijk blijven." De Haij is het daar mee eens. "We zijn een publieke instelling en daar moet je geen inmenging in krijgen. Ik heb tot nu toe niet meegemaakt dat een schenker of donateur vertelde wat er met het geld moet gebeuren." De Museumvereniging is wel enigszins bezorgd. Directeur Carasso: "In Nederland zijn de subsidies voor musea relatief klein vergeleken met landen om ons heen. Dus we zijn wel degelijk afhankelijk van zulke geldstromen, dat is zorgelijk. Tegelijkertijd is het ook een manier om particulieren te betrekken en een mooie bijdrage voor de sector te krijgen."