Iraniër Matin Abbasi krijgt geen contact met zijn familie: "Je wil horen dat het goed gaat"

Terwijl Iraniërs dagelijks de straat op gaan om te demonstreren, het internet in Iran is afgesloten en opstandelingen door het regime worden gedood, zitten onwetende familieleden over de hele wereld in grote stress. Ook het Haarlemse gemeenteraadslid Matin Abbasi maakt zich grote zorgen. "Het laatste contact was vorige week woensdag." Eind 2025 gingen de winkeliers in Teheran de straat op: de torenhoge inflatie zorgde voor onbetaalbare boodschappen en economische achteruitgang. Al snel haakten bewoners aan bij de demonstraties. Dit resulteerde in grote demonstraties tegen het Iraanse regime. De afgelopen weken zijn er al 25.000 mensen gedood, volgens cijfers van HRANA, een Iraanse mensenrechtenorganisatie in de Verenigde Staten. Sinds vorige week is het internet in het land volledig afgesloten, en dat zorgt voor grote onrust bij familieleden. Geen contact Haarlemmer Matin Abbasi heeft zijn familie in Iran al een week niet gesproken. "Het laatste contact was met mijn nicht, vorige week dinsdag", vertelt hij. De situatie volgt Abbasi sinds het begin van de demonstraties op de voet, maar door de afsluiting van het internet is dat onmogelijk. "Je kan niet goed verifiëren of de beelden op sociale media van nu zijn, of van langer geleden." Daarnaast is er sinds deze week een totale lockdown in Iran uitgeroepen. Dat betekent dat het voor inwoners verboden is om de straat op te gaan. "Daar maak ik mij veel zorgen om", vertelt Abbasi. "Ik weet dat familieleden nu de straat op gaan daar, dus het is heel spannend. Je wil gewoon horen dat het goed gaat." Tekst gaat verder onder de foto. Zo'n dertig jaar geleden vluchtte Abbasi met zijn ouders en broertje naar Nederland, toen het voor hen te onveilig werd in zijn geboorteland Iran. Zijn moeder was in Iran politiek actief en deelde folders uit tegen het regime. Nu, dertig jaar later, is Abbasi zelf gemeenteraadslid voor de PvdA in Haarlem. Ook hij wil, net als zijn moeder, een maatschappelijke bijdrage leveren aan de politiek. Bekend figuur In Haarlem is Abbasi inmiddels een bekend figuur. Hij spreekt zich dan ook hardop uit tegenover het regime. "Ik zie het als mijn morele plicht om mezelf uit te spreken over de situatie in Iran. Ik spreek veel mensen uit Iran, voor hen wil ik een stem zijn", legt Abbasi uit. "Ik wil ook niet toegeven aan de angst van het regime." Dat we in Nederland in een democratie leven waarin mensen het met elkaar oneens kunnen zijn, daar staat Abbasi vaak bij stil. "Juist als we in de politiek discussies voeren, probeer ik te koesteren dat je kritiek mag hebben en niet bang hoeft te zijn dat je iets overkomt." Monarchie wordt geromantiseerd Sinds 1971 is Iran een islamitische Republiek en een dictatuur. Vrouwen en minderheden worden er onderdrukt en mensen kunnen niet hun eigen leider kiezen. Veel Iraniërs willen daarom terug naar de situatie vóór de Iraanse revolutie, toen Iran nog een monarchie was. Maar volgens Abbasi wordt deze periode erg geromantiseerd. "Ook toen was er in Iran een dictatuur en werden minderheden onderdrukt. In de ideale situatie zou er een vrije democratie komen, waar Iraniërs zelf hun leider mogen kiezen."