Aan het begin van de vierde zittingsdag in de Barendrechtse zedenzaak heeft verdachte Mels van B. erkend dat hij niets heeft gedaan om het misbruik te voorkomen, terwijl daar volgens hem wel degelijk mogelijkheden voor waren. "Ga ik de makkelijke weg nemen en me verschuilen achter stoornissen en smoesjes? Nee. Ik heb niets gedaan om het misbruik te voorkomen", verklaarde hij. Op de vraag van de officier van justitie of hij bewust heeft afgewogen wat een goede of een slechte keuze was, bijvoorbeeld hulp zoeken bij een huisarts of psycholoog of doorgaan met zijn daden, antwoordde Van B. dat hij die keuze heeft gehad. "Ik had het kunnen voorkomen, maar heb steeds de verkeerde keuze gemaakt." Zo vertelde hij dat hij bij een psycholoog zat, waar hij kon vertellen wat er speelde, maar deed hij dat niet. "Daar heb ik enorm veel spijt van. Ik heb niet gezegd dat ik een heel groot probleem had." Van B. reageerde daarmee op de slachtofferverklaringen van ouders van de misbruikte meisjes. Later vandaag komen nog enkele slachtoffers aan het woord, waarna het Openbaar Ministerie met de strafeis komt. 'Hoop slachtoffers minder' Dat Van B. het misbruik bij de psycholoog niet ter sprake bracht, kwam volgens hem doordat zijn daden uitspreken het voor hem "tastbaar maakte". "Dan zou het naar buiten komen, maar dan waren er wel een hoop slachtoffers minder geweest." Van B. bekende eerder dat hij tientallen meisjes ernstig seksueel heeft misbruikt. De slachtoffers waren voornamelijk vriendinnetjes van zijn dochter, die hij drogeerde met slaapmiddelen. Hij maakte vervolgens beelden van het misbruik, dat gebeurde in zijn woning in Barendrecht en in zijn caravan op een camping in het Brabantse Hoeven. Na observatie in het Pieter Baancentrum hebben gedragsdeskundigen verschillende stoornissen bij de verdachte vastgesteld. Zij schatten de kans op een succesvolle behandeling klein en adviseerden justitie tbs met dwangverpleging.