Voor de tweede keer in een week is brand uitgebroken op de afvalstortplaats van Bonaire. Hoewel Den Haag al betrokken is bij oplossingen, groeit onder bewoners de roep om sneller en dwingender ingrijpen vanuit het Rijk. Gitzwarte rook trekt opnieuw over woonwijken bij Lagun. Bewoners hebben hun huizen verlaten zoals ze bij eerdere branden ook deden. De brandweer laat het vuur deels uitbranden, maar probeert de brand wel af te dekken. Dat de afvalverwerking op Bonaire al jaren problematisch is, weet vrijwel iedereen op het eiland. De frustratie zit volgens bewoners vooral in het tempo: er wordt al lang gesproken over oplossingen, maar de situatie verandert nauwelijks. Bewoners: dit is geen lokale crisis meer Volgens stichting Pro Lagun is de grens bereikt. De stichting vindt dat het afvalprobleem te groot is om dat nog langer door het eilandsbestuur alleen te laten oplossen. Den Haag moet volgens Pro Lagun het dossier overnemen. "Dit kun je niet overlaten aan een dorp als Bonaire," zegt Jan Verbeek van de stichting. "Als dit op een van de Waddeneilanden zou gebeuren, was er allang ingegrepen." Bewoners pleiten voor een noodscenario. Hun voorstel is om afval tijdelijk af te voeren naar Nederland, waar het verder kan worden gesorteerd en verwerkt. Dat is duur en ingewikkeld, erkennen ze, maar volgens hen onvermijdelijk. "Niemand wil ongesorteerd afval hebben," zegt Verbeek. "Maar desperate times ask for desperate measures ." Tegelijk willen bewoners dat Bonaire meteen begint met afvalscheiding aan de bron. Door groente-, fruit- en tuinafval en bouwpuin apart te verwerken, kan een deel lokaal worden hergebruikt en hoeft minder afval te worden afgevoerd. Doorgaan met storten, waarschuwen zij, leidt op termijn alleen tot hogere kosten door branden, gezondheidsrisico's en milieuschade. 'Alternatief systeem nodig' Het eilandsbestuur ziet de urgentie, maar kiest een andere route. Gedeputeerde Clark Abraham, verantwoordelijk voor milieu en afvalverwerking, benadrukt dat stoppen met storten alleen kan als er eerst een alternatief systeem is. Volgens Abraham werkt het bestuur aan afvalscheiding, sortering en nieuwe vormen van verwerking, mogelijk ook buiten het eiland of in regionaal verband. Het doel is om uiterlijk in 2028 te stoppen met storten. Tot die tijd blijft het risico op incidenten bestaan. "Zolang we afval blijven storten, blijven dit soort situaties voorkomen," zegt Abraham. "Er is geen stortplaats in de wereld waar nooit brand uitbreekt." Volgens het bestuur ligt de focus daarom op beheersing: branden zo snel mogelijk onder controle krijgen en de overlast voor omwonenden beperken, terwijl tegelijk wordt gewerkt aan structurele oplossingen. Juridische ondergrens volgens bewoners Volgens Jan Verbeek van Pro Lagun moet de overheid ook kijken naar de veiligheid van omwonenden als structurele oplossingen uitblijven. "Als de stortplaats niet kan sluiten, dan moeten bewoners worden weggehaald," zegt hij. Verbeek verwijst naar het College voor de Rechten van de Mens, dat eerder vaststelde dat omwonenden te maken hebben met een onveilige leefomgeving. De tegenstelling tussen de standpunten van de bewoners en het lokale bestuur zit niet in de analyse van het probleem, maar in het tempo en de manier waarop wordt ingegrepen. Het Rijk is al betrokken via afspraken, financiering en ondersteuning, maar volgens bewoners gaat dat te langzaam en blijft de uitvoering te veel bij het eiland liggen. Waar het eilandsbestuur en Den Haag inzetten op een meerjarig traject richting 2028, vinden bewoners dat de situatie vraagt om directer en dwingender optreden vanuit Nederland. Zij zien afval als een onvermijdelijke kostenpost en waarschuwen dat uitstel uiteindelijk duurder uitpakt.