Bij het fatale brugongeluk twee jaar geleden bij Lochem zijn de risico's onvoldoende in kaart gebracht. Dat is de conclusie van de Onderzoeksraad voor Veiligheid, die het ongeluk heeft onderzocht. Bij het ongeluk vielen twee doden. Op 21 februari 2024 viel tijdens het hijsen een brugdeel uit de kranen. Het kwam op een montageplatform terecht, waarop vier bouwlieden stonden. Twee van hen kwamen om, de andere twee raakten gewond. Volgens de OVV hadden de bouwpartijen elkaar in de voorbereiding van het project meer vragen moeten stellen over de mogelijke risico's. "We zien dat de partijen in Lochem elkaar vertrouwden, mede op basis van eerdere projecten", zegt raadslid Erica Bakkum. "Maar de onderlinge controle op de risico's ontbrak." Ooggetuigen zagen het brugdeel naar beneden storten: Een van die ontbrekende controles ging over de stabiliteit van de brugboog die moest worden gehesen. Die is volgens de onderzoeksraad niet uitgebreid genoeg getoetst. De raad vindt het aannemelijk dat de 'foutmarge' om de boog veilig te kunnen ophijsen te klein was. Kleine bewegingen door de wind waren waarschijnlijk al genoeg om het brugdeel te laten kantelen en vallen. Ook is onvoldoende rekening gehouden met de risico's voor de medewerkers, concludeert de OVV. De raad adviseert staalbouwers om te onderzoeken of ze hijs- en montagewerkzaamheden ook kunnen uitvoeren zonder dat medewerkers zich "op kwetsbare posities" bevinden. Aansprakelijkheid De partijen die bij de bouw van de brug in Lochem betrokken waren, zijn zelf na het ongeval al met maatregelen gekomen, meldt de OVV in haar rapport. Maar de raad heeft niet gecontroleerd of die daadwerkelijk zijn toegepast. Ook benadrukt de OVV dat de aanbevelingen bedoeld zijn om de veiligheid in Nederland te vergroten. Het rapport geeft geen antwoord op vragen rond schuld of aansprakelijkheid, aldus de raad.