Bij de Haarlemse Club Stalker was iedereen welkom en niets te gek

In De Verdwenen Stad Haarlem gaan we iedere keer naar een andere plek in de stad om te kijken hoe die is veranderd in de loop der tijd. Deze keer duiken we de clubscene in. De Kromme Elleboogsteeg was ooit de locatie van Club Stalker, een club die zijn tijd ver vooruit was. Club Stalker was niet zomaar een club. Club Stalker was zijn tijd ver vooruit. "Het is een hele belangrijke club geweest in de ontwikkeling van de clubscene in Nederland", vertelt Alexander de Bruijn. "En de ontwikkeling van de dance in Nederland, want ze waren er vóór de Roxy en vóór de It in Amsterdam." De Bruin kan het weten, want naast conservator bij het Noord-Hollands Archief stond hij met grote regelmaat op de dansvloer in Stalker. Vooruitstrevend Er werd volgens oud-medewerker Manique Hendricks "vooruitstrevend geprogrammeerd". "Zo heeft DJ Tiësto hier gedraaid toen hij nog niet zo bekend was. Hij hoefde niet meer terug te komen, want ze vonden hem té commercieel draaien." Stalker was ook de plek waar kunstenaars hun werk konden laten zien. Er werden modeshows gehouden, gedichten voorgedragen, eigen decors gebouwd, alles kon. "Ik denk ook dat clubs een grote rol hebben in de samenleving. Kunstenaars beginnen nooit in een museum of een galerie. Een club is echt wel een plek voor experiment. Waar mensen bijvoorbeeld voor het eerst in drag uitgaan." Tekst gaat door onder de foto Pink Planet Een van de artiesten die optimaal profiteerde van de mogelijkheden die Stalker bood, was Ruud Douma, alias Dolly Bellefleur. Twee jaar lang organiseerde hij, samen met zijn partner George Moormann, de zogenaamde Pink Planet feesten. "Het was een tijd waarin alles kon." "Het was een soort laboratorium waarin in we van alles hebben uitgeprobeerd. Iedere maand hadden we een ander thema. Met een andere dresscode. Mensen waren daar al weken van tevoren mee bezig." "We hadden op een gegeven moment als thema gezegd: OR NAKED. Toen wisten we het ook allemaal niet meer, want we hadden alle dresscodes wel gehad. Toen meldde zich een meneer, helemaal uit België, bij de garderobe, die vroeg waar hij zijn kleren kon laten. Die heeft de hele avond naakt rondgelopen. Hij moest wel zijn schoenen aanhouden vanwege de glasscherven. Maar niemand keek daarvan op, dat was ook een manier om je te kleden", herinnert Douma zich met een grote grijs. Iedereen was welkom "Het bijzondere was", zegt Manique Hendricks, "dat iedereen binnen kon komen. Zolang je maar open-minded was. Dat betekende ook dat verschillende generaties hier op de dansvloer stonden. Mensen met verschillende culturele achtergronden. Dat was wel bijzonder. Je ontmoette hier mensen met wie je overdag misschien niet zo snel een gesprek zou hebben of mee zou dansen. Dat gebeurde hier wel." Groot was de schok dan ook toen eigenaar Damir Kalkan besloot de club in 2019 te sluiten. Hij wilde andere dingen gaan doen en hij kon niemand vinden om zijn club over te nemen. De laatste avond kwam iedereen nog één keer langs om afscheid te nemen. "Zelfs de grootste, stoerste dj's moesten wel een traantje wegpinken", herinnert Manique Hendricks zich. "De avond leek ook maar niet te stoppen. Iedere keer werd gezegd: dit is het laatste nummer, maar dan werd er toch weer een nummer gedraaid." Maar uiteindelijk kwam dan toch het onvermijdelijke. Wat overblijft zijn de mooie herinneringen, het Stalkerarchief dat te vinden is in het Noord-Hollands Archief en het overbekende uithangbord dat in het Verwey Museum is te bewonderen.