Ze fietst door de slapende stad als ze boven Arnhem een enorme vuurwolk ziet. Sirenes blijven maar klinken. Eenmaal aangekomen ziet locoburgemeester Cathelijne Bouwkamp agenten met stormrammen bewoners uit hun huizen halen. Een jaar later blikt ze terug: „Daar zaten mensen, op slippers en met kattenmandjes, in doodse stilte.”