De Nederlandse hulpverlener Pieter Wittenberg is op 78-jarige leeftijd overleden. Hij was ernstig ziek en was daarom sinds vorige maand gestopt met zijn publieke en humanitaire werkzaamheden. Wittenberg werd vooral bekend door zijn werk op het Griekse eiland Lesbos, waar hij bootvluchtelingen hielp. Hij werd daarvoor door Griekenland aangeklaagd. Afgelopen januari werd hij vrijgesproken , net als 23 andere hulpverleners. Bij een veroordeling hadden ze tot twintig jaar gevangenisstraf kunnen krijgen. Droge kleren Wittenberg en de anderen boden de bootvluchtelingen onder meer water en droge kleren aan. Daarmee maakten ze zich volgens de Griekse aanklagers schuldig aan mensensmokkel en lidmaatschap van een criminele organisatie. De juridische strijd sleepte zich acht jaar lang voort. Een week na de vrijspraak kreeg hij te horen dat hij ernstig ziek was en niet meer beter zou worden. Hulporganisatie Human Power omschrijft Wittenberg als "een man die met een enorme solidariteit voor de mensheid in het leven stond. Iemand met een zeer zuiver kompas, die helder had wat hij goed vond en daarnaar handelde."