Het verschil is al jaren zichtbaar: in de cabine werken veel vrouwen, maar in de cockpit en techniek blijven ze in de minderheid. Ook de luchtvaartsector is zich bewust van die kloof, en probeert het te dichten. KLM Cityhopper opende woensdag haar hangardeuren voor dertig dames van middelbare scholen uit de regio. Daar konden ze op de stoel van de piloot zitten in de cockpit, meekijken met monteurs en spreken met vrouwelijke rolmodellen. "We zien dat er best wel steeds meer meiden kiezen voor de luchtvaart, maar toch nog vaak voor de beroepen waar al veel vrouwen werken", vertelt directeur Maarten Koopmans van KLM Cityhopper. "We willen graag meer vrouwen, want diversiteit is belangrijk. Het zorgt voor nieuwe ideeën." Wereldwijd is slechts 6 procent van de piloten vrouw, bij KLM Cityhopper ligt dat iets hoger, namelijk zo'n 15 procent. Geen meisjesdroom "Voor mij, voor ons, is het inmiddels heel normaal", zegt piloot Annemiek Nijkrake, die zelf gezagvoerder is bij KLM Cityhopper en daar ook baas is van alle piloten. "Maar de percentages geven dat niet weer." Ook voor haar was een carrière als piloot geen meisjesdroom, tot een buurman haar er op attendeerde. "Bij mij is het als optie überhaupt niet in mijn hoofd opgekomen tot mijn zeventiende. Zonder hem had ik nu een heel ander leven gehad", vertelt ze. De reacties onder de scholieren lopen uiteen. Waar de één enthousiast raakt van de cockpit en zegt dat piloot 'toch wel het interessantst' lijkt, blijft de ander twijfelen. Technische beroepen worden nog vaak als 'moeilijk' gezien, of simpelweg 'niet voor mij'. "Vrouwelijke rolmodellen zijn belangrijk", zegt Nijkrake. "We moeten de meiden laten zien dat ook dít een optie is." Hoe jonger, hoe beter Tijdens de zogeheten ‘Girls in Aviation Day’ werden meiden tussen de 15 en 17 jaar uitgenodigd, met verschillende achtergronden – van praktisch tot theoretisch. Tegelijk valt op dat veel van deze leerlingen op die leeftijd al een profiel hebben gekozen, en daarmee vaak onbewust een richting uitsluiten. De vraag is dan ook of de interesse voor dit soort beroepen niet al eerder moet worden aangewakkerd. "Hoe eerder je mensen enthousiast kan maken voor een bepaald beroep, hoe eerder dat ook blijft hangen", beaamt directeur Koopmans. "Dit was een eerste editie, daarom kozen we ook voor een kleinere club, om echt aandacht te kunnen hebben voor alle scholieren. Wellicht dat we straks ook met basisscholen dit kunnen gaan doen."