Californië werkt aan een wetsvoorstel om de feestdag César Chevesdag een andere naam te geven: Farmworkers Day, landarbeidersdag. Aanleiding hiervoor is onderzoek van The New York Times . Daarin beschuldigen twee vrouwen de in 1993 overleden Amerikaanse burgerrechtactivist César Chávez van jarenlang seksueel misbruik. De Mexicaans-Amerikaanse Chávez streed in de jaren 60 en 70 voor betere werkomstandigheden voor landbouwarbeiders. Als boerenkind maakte hij al kennis met de zware omstandigheden waarin landbouwarbeiders werkten. Samen met activiste Dolores Huerta richtte hij in 1962 de National Farm Workers Association op, dat later United Farm Workers (UFW) werd. Verkracht In het onderzoek vertellen twee vrouwen in detail hoe Chávez hen jarenlang zou hebben misbruikt, onder wie activiste Huerta. Op een avond in 1966 zou Chávez haar naar een afgelegen druivenveld hebben gereden en haar in de auto hebben verkracht. Ze vertelde voor het eerst tegen de krant dat dit incident en verder misbruik leidde tot twee kinderen, die ze opgaf voor adoptie. Ze besloot geen aangifte te doen omdat ze bang was dat niemand binnen de vakbond haar zou geloven. De andere vrouw, Debra Rojas, zegt dat Chávez haar voor het eerst ongepast aanraakte toen ze 12 jaar was. Zij zou op haar vijftiende door hem zijn verkracht. The New York Times heeft voor het onderzoek nog met zestig anderen betrokken gesproken. In Latijns-Amerika en de VS is geschrokken gereageerd de aantijgingen. Op 31 maart, op Chávez' geboortedag, staan een aantal Amerikaanse staten ieder jaar stil bij alles wat hij heeft bereikt, maaar veel van die vieringen zijn uitgesteld of geschrapt. Vakbond United Farm Workers noemt de beschuldigingen verontrustend" en schokkend". In een interview met Latino USA zei Huerta over de aantijgingen dat het tijd werd dat dit aan het licht kwam. "Moeilijk te verzoenen" In de staat Californië zijn meer dan 65 straten, plekken of gebouwen vernoemd naar Chávez. Het California Museum heeft al gezegd dat het Chávez uit de eregalerij van het museum wordt verwijderd. Het is niet duidelijk wat er zal gebeuren met het César E. Chávez National Monument in Keene, Californië. Daar liggen Chávez en zijn vrouw Helen begraven. Ook bevindt zich daar zijn kantoor, waar een deel van het vermeende misbruik zou hebben plaatsgevonden. In steden als Phoenix, Los Angeles, Portland en Albuquerque wordt al gekeken of gebouwen, straten en scholen die naar Chávez zijn vernoemd, een nieuwe naam moeten krijgen. In Colorado is bij het Denver Arts and Venues de buste van Chávez al van de sokkel verwijderd. Teresa Romero, het huidige hoofd van United Farm Workers, zegt dat het aan de organisatoren of eigenaren van het gebouw is om de namen van Chávez te veranderen. "Ik respecteer de slachtoffers, ik respecteer de duizenden mensen die door de jaren heen als vrijwilligers voor de vakbond hebben gewerkt; dat zal niet veranderen." Sommige Amerikanen hebben opgeroepen om voor plekken die naar Chávez vernoemd zijn, voortaan de naam van Huerta te geven. Iemand in Denver had daar meteen gehoor aan gegeven. Het bord bij het César Chávez Park was gisteren bedekt met een zeildoek. Iemand had er een handgemaakt bord overheen geplaatst met de tekst "Dolores Huerta Park".