De Zuid-Afrikaanse president Ramaphosa zet het leger in om de politie te ondersteunen bij de bestrijding van georganiseerde misdaad. Ramaphosa zei in zijn jaarlijkse 'state of the nation'- toespraak dat criminele bendes de meest directe bedreiging zijn voor "de democratie, de samenleving en de economische ontwikkeling" in het land. Het leger wordt de komende dagen ingezet in de provincies West-Kaap en Gauteng, waar Kaapstad en Johannesburg liggen. In West-Kaap zijn schietpartijen tussen drugsbendes aan de orde van de dag. In Gauteng kampen autoriteiten vooral met gewelddadige groepen die actief zijn in de illegale mijnbouw. Zuid-Afrika heeft een van de hoogste moordcijfers ter wereld. Gemiddeld worden er gemiddeld ongeveer zestig mensen per dag gedood. Vuurwapens zijn het meest gebruikte wapen bij geweldsdelicten, vaak gaat het om illegale wapens. In Kaapstad raken geregeld ook omstanders, onder wie kinderen, gewond bij schietpartijen tussen rivaliserende bendes. Naast de inzet van het leger kondigde Ramaphosa aan dat er 5500 extra politieagenten worden aangenomen en dat de inlichtingendiensten worden versterkt. Ook worden bepaalde misdaadsyndicaten specifiek aangepakt. Regering onder druk De president erkende dat criminaliteit niet alleen levens kost, maar ook economische gevolgen heeft. Volgens hem zorgt het geweld voor angst in de samenleving en houdt het investeerders tegen. Ramaphosa staat sinds 2018 aan het hoofd van Zuid-Afrika en leidt sinds juni 2024 een coalitieregering . De regering staat onder druk om de veiligheid en de dienstverlening te verbeteren, terwijl het land ook kampt met hoge werkloosheid en problemen met de watervoorziening.