'Salaris en arbeidsvoorwaarden politieke ambtsdragers moeten fors beter'

'Salaris en arbeidsvoorwaarden politieke ambtsdragers moeten fors beter'

Het adviescollege voor de rechtspositie van politieke ambtsdragers ARPA zegt in een advies aan het kabinet dat de salarissen voor politieke ambtsdragers fors omhoog moeten en dat andere arbeidsvoorwaarden moeten worden aangepast. Dat is nodig om het werken in een politiek ambt voor iedereen die daarvoor gekwalificeerd is aantrekkelijk te houden, aldus het college. De beloning moet volgens het college in lijn worden gebracht met de bestuurlijke zwaarte van het ambt en de secundaire arbeidsvoorwaarden in lijn met die van werknemers. "Gedurende jaren is dat al niet meer gebeurd. Er is alle reden een inhaalslag te maken." Salarissen en vergoedingen Concreet adviseert het college de salarissen van kabinetsleden drie jaar achtereen met 5 procent te verhogen. Dat heeft ook als voordeel dat ministers weer meer gaan verdienen dan de hoogste ambtenaren van hun ministerie. Leden van de Eerste en Tweede Kamer zouden er drie jaar lang 4 procent salaris bij moeten krijgen. Wat betreft de overige politieke ambtsdragers pleit het college ook voor salaris- of vergoedingsverhogingen drie jaar achtereen. Wat verdienen politici? Tweede Kamerleden krijgen officieel geen salaris, maar een 'schadeloosstelling'. Die is, met vakantiegeld en eindejaarsuitkering, zo'n 141.000 euro per jaar. De voorzitter en ondervoorzitters van de Tweede Kamer krijgen daar nog een toelage op, net zoals de fractievoorzitters van de politieke partijen. Het Eerste Kamerlidmaatschap is geen fulltime functie, daarom krijgen de leden van de senaat een lagere schadeloosstelling: 2867 euro per maand. Ook hier krijgen (onder)voorzitters en fractievoorzitters meer. Alle ministers, dus ook de minister-president, verdienen 205.000 euro per jaar. Een staatssecretaris krijgt iets minder: zo'n 192.000 euro per jaar. Deze bedragen zijn inclusief vakantiegeld en eindejaarsuitkering. Het salaris van burgemeesters, wethouders en gemeenteraadsleden hangt af van de grootte van de gemeente. Voor burgemeesters is dat maximaal 13.000 euro per maand, voor wethouders zo'n 11.000 euro per maand en voor raadsleden 2687 euro. Die zou voor burgermeesters, wethouders en raadsleden van grote en middelgrote gemeenten 6 procent moeten zijn, voor gedeputeerden van provincies en leden van het dagelijks bestuur van waterschappen 5 procent en voor statenleden, leden van het algemeen bestuur van waterschappen en raadsleden van kleine gemeenten 3,3 procent. Verzwaring en risico's Het college wijst erop dat de taken van politieke ambtsdragers de afgelopen vijftien jaar "significant" zwaarder zijn geworden. "Maatschappelijke vraagstukken worden steeds complexer en de verwachtingen van burgers nemen toe: de overheid moet krachtig, wendbaar, transparant, dienstbaar, rechtvaardig én snel maatwerk leveren." Daarnaast compenseren de vergoedingen voor ambtsdragers niet altijd het inkomensverlies dat ambtsdragers in hun hoofdberoep lijden omdat ze ook politiek werk doen. Daarnaast voert het college aan dat ambtsdragers de afgelopen vijftien jaar meer met intimidatie te maken hebben gekregen. Verder staan ze meer in de schijnwerpers, waardoor ook het afbreukrisico toenam. "Het is belangrijk dat politieke ambtsdragers hun rol goed kunnen (blijven) spelen", schrijft het college, "met voldoende ondersteuning, goede arbeidsvoorwaarden en voldoende ontwikkelmogelijkheden, zonder dat zij door overmatige werkdruk, laat staan door agressie en intimidatie worden gehinderd of zelfs voortijdig uitvallen." Na volgende verkiezingen Het is zeer de vraag of het komend kabinet iets met het advies zal doen, dat komt op een gevoelig moment. Het aankomende kabinet-Jetten wil juist grote bezuinigingen doorvoeren. Om die reden staan er flinke bezuinigingen voor rijksambtenaren op stapel. Zij krijgen bijvoorbeeld dit jaar geen salarisverhoging. Als het kabinet-Jetten en de Eerste en Tweede Kamer instemmen en het advies overnemen, kunnen ze daar zelf niet meteen van profiteren. De maatregelen gaan dan pas in na nieuwe verkiezingen.